ABDIJ FLOREFFE
De Abdij van Floreffe is gesticht in 1121 door de oprichter van de Norbertijner orde: Norbertus van Gennep. De gebouwen staan dominant hoog op de oever van het dal van de Samber. Het werd al snel de rijkste abdij van de provincie Namen en had een belangrijke functie ter verdediging van de stad Namen. In 1688 verkreeg de abt van Floreffe het recht om bier te brouwen. Dat was voor eigen gebruik van de kloosterlingen die bij de middag- en avondmaaltijd bier kregen. Wie te laat in de refter verscheen kreeg als straf geen bier meer bij zijn maaltijd. Bij de Franse revolutie werden, na de verloren slag van Fleurus, ook in dit deel van Belgiè de kloosterlingen door de Fransen verjaagd. Ze vertrokken naar Duitsland en het klooster werd verkocht. De Norbertijnen zijn daarna nooit meer in staat geweest het klooster terug te kopen. In 1819 werd het een bisschoppelijk seminarium, momenteel is er nog steeds een middelbare school en internaat gevestigd. De watermolen stamt uit het jaar 1250, hier werd later ook het bier gebrouwen. Het is het oudste nog overgebleven industriële gebouw van België. Het huidige Floreffe abdijbier wordt gebrouwen door brouwerij Philip Lefèbre in Quenast.